Cosmetica recepten van het oude Pollekens

Yvonne van Salon Bergrust was uitgedaagd om recepten in te sturen die ze gebruikt in haar zaak: een schoonheidssalon.

Re: zelf cosmetica maken

Hallo Paul

Ik heb je uitnodiging aangenomen en hierbij dan mijn eerste recept en wellicht zullen er meer volgen. Zelf cosmetica maken is niet alleen leuk om te doen maar is ook weten wat je smeert en juist dat toevoegen aan een crème waar jouw huid om vraagt en is ook nog eens lief voor je beurs én je helpt de afvalberg te verminderen door je lege crème potten her te gebruiken.

Crème voor de normale en droge huid.

3gr. Tegomuls
5gr. Sojaolie
2gr. Sheabutter of cacaoboter
1gr. Cetylalcohol
30ml Gedistilleerd water of een kruidenwater

Toevoegingen

10dr. Bisabolol
12dr. Aloe-vera 10-voud
10dr. Vit. E2
4 dr. Parfumolie
4-8 dr. Heliozimt
Bereiding

Verwarm 1, 2, 3, 4, au-bain-marie tot 70 graden.
Verwarm het kruidenwater of gedistilleerd water ook tot 70 gr. en giet dan heel langzaam al roerend het water bij de olie. Goed blijven roeren tot deze is afgekoeld tot 35gr. Voeg dan druppelsgewijs roerend de toevoegingen toe  als laatste de Heliozimt. Dit is een conservering waardoor je crème drie maanden houdbaar is. Zonder conservering ongeveer een dag of tien in de koelkast. Het is ook mogelijk om de crème in te vriezen. De grondstoffen zijn verkrijgbaar op http://www.members.lycos.nl/avantgardecosmetics/ Veel succes!

Yvonne

Ga eens op de site http://www.members.lycos.nl/avantgardecosmetics  kijken daar vindt je echt alles voor het zelf maken van cosmetica en parfums en verkrijgbaar in kleine en grote hoeveelheden wat je wenst.

(NB de genoemde site is niet meer in de lucht Paul)

Hallo Yvonne en Nienke

kan jij me vertellen wat tefose is en waar dat verkrijgbaar is?

 Tefose is een palmvet

 ik vind dat niet zo prettig want mijn ervaring is dat het erg vettig op de huid blijft. maar dit is dus voor iedereen verschillend. Tefose is verkrijgbaar in België kijk even op mijn site daar staat wel een link van haar  ik weet even niet hoe ze heet. Veel plezier ermee.

groetjes van Yvonne

Geplaatst in Recepten | Reacties staat uit voor Cosmetica recepten van het oude Pollekens

Vragen worden vertaalt in “search strings”

De meesten weten niet dat als ze een vraag stellen in een zoekroutine van Google of Yahoo of een ander, er in de statistieken van de website waar ze terecht komen een melding van wordt gemaakt.
Zo heb ik vanavond eens in de statistieken van Plantaardigheden.nl zitten snuffelen en gekeken wat er over stond geschreven op de site. Dat matched niet helemaal. Ik denk dat er een flink aantal mensen een beetje teleurgesteld zullen zijn als ze niet helemaal het antwoord op hun zoekvragen krijgen dat ze hoopten te krijgen.
Voor dat soort vragen hebben we plantaardigheden en pollekens gekoppeld, u stelt uw vraag en wij zoeken het antwoord voor u. Wordt uw vraag in een bestaand artikel beantwoord dan zullen we u een simpel linkje voorschotelen. Is er geen bestaand antwoord, dan schrijven we een antwoord op uw vraag, ongeacht of de redactie van de vraag wel helemaal klopt of niet, met andere woorden dan zoeken we naar wat u bedoelde. We hebben ons voorgenomen u zo verantwoord mogelijk te antwoorden, dus geen losse kreten zonder verantwoording, maar onafhankelijke, eerlijke antwoorden in heldere taal.

Kunt u uw vraag in een categorie plaatsen dan is het fijn als u bovenstaande knoppen probeert te gebruiken, wilt u gebruik maken van het forum, dan kan dat ook. Dan is het ook makkelijker voor anderen dan onze redactie om te reageren.

Om te voorkomen dat er allerlei grappenmakers publiceren op P&P zit er iets vertraging tussen het stellen van de vraag en het verschijnen van de vraag op P&P doordat we modereren zoals dat heet. We vragen daarvoor begrip.

Geplaatst in Discussie en meningen | Reacties staat uit voor Vragen worden vertaalt in “search strings”

De bibliotheek van een plantengek.

Mijn eerste plantenboekje kreeg ik van mijn tante Mimi toen ik nog een onschuldig broekenmannetje was. Ik had bij een beroepskeuzetest op de lagere school aangegeven dat ik tuinder wilde worden. Dat was een novum in de familie, ieder had een beroepskeuze gedaan die anders was dan een voorganger in de rijke familiehistorie, maar nooit was daar eerder eentje die van wroeten in de grond en het kweken van planten zijn beroep wilde maken. Vandaar dat mijn tante bedacht had dat de Jeugdflora wel wat voor mij was. Dat boekje heb ik nog steeds. Het heeft eenvoudige illustraties die je zelf kan inkleuren. Het lijkt me nog steeds een aanrader.thMet het tuinderschap is het uiteindelijk niet echt wat geworden. Maar wel heb ik door wat uiteindelijk mijn passie is geworden, het verzamelen van boeken over planten en heel ambitieus ook, op schrijfpogingen met doel het uitgeven van op zijn minst één boek.
Dat schrijven over planten vergt een boel onderzoek en als je er niet op betrapt wil worden onnozelheden en onwaarheden te verkopen in je publicaties, dan kun je jezelf maar beter goed voorbereiden en je bibliotheek op orde hebben. De boeken kun je ook beter van kaft tot kaft lezen en onthouden wat je past.
De boeken die bij mij in de kast staan en die ik of te hooi en te gras raadpleeg of regelmatig op mijn werktafel liggen om me te helpen na te gaan of wat mijn geheugen levert nog wel klopt met wat ik geleerd heb, heb ik nu in een lijstje verwerkt. Zodat u kunt ervaren welke boeken er naar mijn idee in het kruidenwereldje toe doen. Laat onverlet dat er boeken zijn die misschien nog beter aan dat ideaalbeeld voldoen maar omdat ik liever een beetje armlastig was dan mijn kinderen met een studieschuld op te zadelen, zijn de kostbaarste een beetje buiten mijn bereik gebleven. Het helpt om je boekenkast te vullen als je voor plantaardigheden.nl boeken gaat bespreken over de onderwerpen waarbij ik een warm gevoel krijg. Vaak betreft het dan ook boeken die meer in de periferie van gebruiksplanten zijn geschreven. Het imponeert diegenen die tot mijn bibliotheek doordringen, hoewel dat pronken is met de veren van een ander. Voor die boeken kunt u de bundel recensies op plantaardigheden raadplegen.

De rest deel ik in naar de mate waarin ze met versleten ruggen in de kast staan.
De meest versleten boeken zijn of zo oud als de spreekwoordelijke Methusalem, of het zijn de voor mij meest waardevolle en daarom meest geraadpleegde. Een beetje vertekening is er voor boeken die ik min of meer heb geërfd of gekregen en al door een ander stevig zijn “ingereden”. Die worden nu nog vaak door mij verder “afgeragd” en als ik er mee klaar ben zijn ze mogelijk alleen nog maar goed voor de fabricage van nieuw papier. Hoe droef kan het lot van een boek zijn.
Weet u wat een zielige aanblik geeft? Kramen op een boekenmarkt. Heel af en toe zit er wat bij dat mij wel aanspreekt, vaak zijn het boeken die wel wat vergelijkbaars hebben met een verpleeghuis vol dementerenden. Beide voorbeelden zijn droef.
Maar nu alle gekheid op een stokje en beginnen met het beschrijven van de boeken met een versleten rug:
Uit elkaar vallend:
Een van mijn eerste zelfaangeschafte boeken buiten mijn opleiding,

Kruidengids

Ingrid Gabriël 1968 L.J. Veen’s Uitgeversmaatschappij NV, Wageningen.
ISBN 90-204-1429-1
Een pocketboek, gelijmd met de toen gebruikelijke meerkleurenpagina’s en verder zwart/wit illustratie 178 bladzijden.
Beknopt maar heldere tekst compleet met doseringen die redelijk adequaat zijn. De indeling in plantenfamilies en soms ook de namen zijn niet meer van deze tijd. Er zijn wel hulpmiddelen die dat euvel kunnen verhelpen.
Ik had er beter aangedaan het volgende boek in een gebonden versie met “hardcover” te kopen dan in de gelijmde versie die ik nu heb, het is dan ook dertig jaar jonger dan het vorige maar heeft het vorige in gebruik vrijwel totaal verdrongen en dat kun je heel duidelijk zien.
Uit een boekentempel in Canada in eerste instantie als souvenir bedoeld:

The Complete Guide To Herbal Medicines

Charles W. Fetrow, Pharm.D. & Juan R. Avila, Pharm.D.
2000, Pocket Books, a division of Simon & Schuster, New York.
ISBN 0-7434-0070-4
$ 9.99 can. $ 6.99 US

698 bladzijden, gelijmd softcover, spaarzaam zw/w geïllustreerd. Maar wat wil je ook voor die prijs? Voor de prijzen van boeken mag je jaloers zijn op de Noord-Amerikanen en Canadezen. En vrijwel elk boek is in gelijmde en in ingebonden versie verkrijgbaar vaak ook in luxe of nog meer luxe uitvoeringen.
Een heel team van deskundigen heeft bijgedragen om de meer dan driehonderd “herbal medicines” te beschrijven. Vanzelfsprekend  met referenties naar toen recent onderzoek. De nomenclatuur is van vóór de APGII en wijkt ook af van het toen gebruikelijke in Europa. Het potjeslatijn ontbreekt. Het heeft natuurlijk ook een opsomming van mogelijke bijwerkingen bij elk besproken kruid die op Amerikaans leest geschoeid is. Zo is de opmerking bij laurier sprekend voor die benadering: “Het eten van gedroogde laurierbladeren wordt sterk afgeraden, de bladeren zijn dan zo hard dat ze beschadigingen aan de slokdarm kunnen veroorzaken”. Dat dankt je de koekkoek, wie haalt het in zijn hoofd om laurierbladeren naar binnen te proppen, je bent of masochist of niet goed bij je hoofd als je het probeert. Het staat dan ook verder bol van algemene waarschuwingen die me als nuchtere Hollander een beetje tegen gaan staan. Makkelijk maak je het jezelf dan met de “copy/paste” mogelijkheden van standaardzinnetjes in een tekstverwerker. Maar als je de eerste zin van elke waarschuwing dan leest gaat het je toch een beetje tegenstaan.
De lijst van mogelijke toepassingen idem dito, het heet dan “waarom gebruiken mensen dit kruid?” de aanbeveling blijft dan binnen het Amerikaanse juridische bereik. Zo ontkom je ook aan de Europese sancties op gezondheidsclaims, die niet helemaal medisch/klinisch onderbouwd zijn. De werking van de kruiden wordt niet beschreven. Wat het uitermate aantrekkelijk maakt is het aantal exotische kruiden dat besproken wordt. Ieder continent heeft zijn eigen traditionele benadering van het gebruik van planten als geneesmiddel en wil je jezelf breed oriënteren wat de mogelijkheden betreft, dan is een boek als deze een waardevolle aanvulling.
Gelijk met het vorige boek en ook als souvenir bedoeld heb ik het boek,

The Green Pharmacy
James A. Duke, Ph.D.
1979, St
. Martin’s press, New York.
ISBN 0-312-96648-2
$ 8.99 Can. $ 6.99 US
Softcover, gelijmd 617 bladzijden zwart/wit geïllustreerd.
Gekocht.
Gelijk stevig geplastificeerd omdat ik dacht dat ik het vaak nodig zou kunnen hebben. Dat is maar goed geweest ook. Het hangt nu nog aan elkaar.
Het is een totaal ander boek dan ik in vertaling als De Groene Apotheek bij een bevriende drogist zag.
Gekoppeld aan deze auteur met een jaloers makende carrière achter de rug, is de database die hij heeft opgezet en nu nog steeds wordt bewerkt en uitgebreid.
http://www.ars-grin.gov/duke/  Dr. Duke’s Phytochemical and Ethnobotanical Databases.
Deze database wordt ook door hemzelf driftig gebruikt om remedies te bedenken en te beschrijven en ideeën te onderbouwen. Enige voorzichtigheid bij het gebruik van deze database is geboden omdat je op basis van aantallen vermeldingen werkingen en bijwerkingen kan gaan veronderstellen die wel voor leuke krantenkoppen kunnen zorgen maar niet echt realistisch kunnen blijken te zijn. Het heeft me enige tijd gekost om die analyse te maken, eenmaal daar aangekomen kun je er heel goed mee werken. Niet echt voor de beginnende enthousiast, evengoed een prachtig hulpmiddel. Het  boek zelf gaat uit van de kwalen die met een beetje goed fatsoen met enige zelfhulp bestreden kunnen worden. Vlot geschreven met het nodige aan relativeringen en soms lichte ironie.
Ook prominent in beeld op mijn werkplek is
Groot Handboek Geneeskrachtige Planten
Met bijlagen van Dr. Geert Verhelst
2004, BVBA Mannavita Wevelgem België
ISBN 90 807784 2 7
Het boek is uitgebreid beschreven op Plantaardigheden.nl, ik heb het boek met dankwoord van de auteur van de recensent “geërfd” die eraan heeft meegewerkt.
Je kan duidelijk merken dat het boek in “sneltreinvaart” is geschreven en dat de recensent die in een vorig leven redacteur was niet het redigeren ter hand heeft kunnen nemen. Vandaar dat het taalgebruik wat exotisch overkomt. Maar verder is dit boek te laat voor mij uitgekomen, ik was dan niet aan het schrijven van monografieën begonnen in 1995. Ik ben er nog steeds mee bezig. Het is compleet en betrouwbaar al heb ik er natuurlijk wel wat in gevonden dat niet helemaal klopt en zijn er meer toepassingen voor planten mogelijk dan dat hij noemt. Hij heeft het wel uitgegeven en ik ben nog lang niet klaar. Dus ik mag daarover niet zeuren.
Ook altijd prominent aanwezig is de laatste editie van
Heukel’s Flora van Nederland
Ruud van der Meijden
2005 Wolters-Noordhof BV Groningen 23e druk
ISBN 90 01 58344 X
Dit boek is ook besproken op Plantaardigheden.nl
Ik gebruik het voor de laatste systematiek en plantennamen volgens de APGII, wat dat betreft zijn er nog wat discussiepunten mogelijk op het stuk van de interpretatie daarvan. Twee jaar na het verschijnen is Dhr. Van der Meijden overleden.
Over de APGII moet u maar eens Googlen naar de Linean Society London, let er wel op dat de discussie iets is voor de liefhebbers en fijnslijpers onder ons. Wat mij als gemakzuchtige betreft mag het allemaal wat conservatiever.Wilt u een overzicht van alle synoniemen van planten die ondertussen in omloop zijn geraakt dan kunt u terecht op Plantaardigheden.nl, zowel de wetenschappelijke als de volksnamen. Wil je “grote stappen snel thuis” dan is http://www.liberherbarum.com  iets voor u. Compleet met een aantal volksnamen in diverse talen. Ik had die gisteren nog nodig omdat kweekgras door mijn referentiekaders zoals de bovengenoemde boeken telkens een andere naam voor “couchgrass” gebruikten. Blijkt dus dat Verhelst er een beetje naast zat, F&A ook en de Heukel’s geen synoniemen geeft dan de officiële naam volgens de APGII.Zo zie je maar dat je als schrijver over planten niet iets klakkeloos mag overnemen, omdat je het risico niet wil nemen op dat soort lulligheden betrapt te worden.
Dan is er nog het Botanisch woordenboek van de KNNV  uitgeverij van Henk Eggelte, één van de weinige boeken die ik heb gekocht om ze te recenseren. Zie plantaardigheden.nl.
“En ik de superarrogante, haalde mijn eigen woorden aan” zong Jaques Brel en gebruik ik mijn eigen huiswerk van zo’n dertig jaar verzamelen en schrijven op mijn werkplek.
Op het web ga ik ook vaak te biechten, bijvoorbeeld de website waar alle onderzoeksrapporten die er een beetje toe doen naar gestuurd worden: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/  dat heeft het voordeel dat je dan redelijkerwijs mag verwachten dat je iets te citeren hebt. Daar zitten haken en ogen aan, de volledige rapporten zitten achter de “decoder” om in televisietermen te spreken. Voor het volledige werk wordt leesgeld gevraagd. Dat liegt er niet om, bedragen van 35$ is maar een bescheiden contributie. Dat probeer ik vaak te omzeilen maar lukt niet altijd. Het is vaak behelpen met de samenvattingen. Dan wordt het wat minder wetenschappelijk maar alas, beter iets dan niets. Als het echt belangrijk is kan ik relaties met abonnementen vragen de teksten aan me toe te sturen.
Wat tijdschriften betreft krijg ik heel vriendelijk Het Nederlands Tijdschrift voor Fytotherapie toegestuurd. En de sponsor/eigenaar van Plantaardigheden zowel pah.nl als Plantaardigheden en Pollekens zorgt voor toezending van De Natuur Uw Arts van de stichting Natuurlijk Welzijn. Er zijn duidelijk wat verschillen tussen beide bladen ze zijn redelijk actueel, je hoeft geen overdreven liefhebber te zijn om ze te waarderen.
Zo kom ik redelijk mijn dagen door zonder mijn hoofd op het duivels oorkussen te hoeven leggen.
Over de overige boeken komen we bij gelegenheid te spreken, zo heb ik nog een aantal oude tot stikoude boeken en facsimile uitgaven ertussen zitten. Die zijn als naslagwerk wat minder geschikt maar wel leuk om eens wat over te vertellen.

 

Paul

Breda april ’14

Geplaatst op door pollekens | Reacties staat uit voor Werkboeken

Mondbranden, recept van het teloor gegane archief van Pollekens.nl/be

Egens had ik nog een bestand met enorme lappen script zoals dat in jargon wordt genoemd van het voormalige forum Pollekens. Nutteloze pogingen heb ik er aan gewaagd om dit in leesbare tekst over te zetten. Daardoor is de context van heel wat stukken tekst bijna niet meer te achterhalen. Toch een manmoedige poging een en ander te recyclen.

 

Recept voor een siroop tegen mondbranden‘,’

Beste Mensen,

Het is wel prettig om te kunnen zien waarom mensen het forum bezoeken, zo kwam ik er vandaag achter dat mondbranden een onderwerp van belangstelling is . Op een ander forum (natuurlijkerwijs.com) was naar hier doorgeklikt op dit onderwerp en niet  voor de eerste keer, de bedoeling is min of meer dat er dan een vraag wordt gesteld want dan speel ik daar direct op in.

Maar bij deze het recept voor mondbranden, of beter gezegd tegen mondbranden. Men plukt een aantal handenvol Smeerwortelbladeren, snijdt ze fijn, deze doet men in een vrij grote jampot o.i.d. met een flinke scheut jenever of citroenbrandewijn, daarbij doet men een handvol kalmoeswortel, een paar handenvol kamillebloemen, een tak salieblaadjes en een paar ons suiker. Dit laat men een week of twee op een warme plaats trekken, daarna afzeven en in een donkere fles koel bewaren. Van deze siroop neemt men een lepeltje of twee in de mond en houdt dit al rondwandelend in de mond.

Het werkt verzachtend, ontsmettend en herstellend op de lidtekentjes die de wondjes van het mondbranden veroorzaken. Het is daarbij niet de bedoeling dat je het lekker gaat vinden hoewel het dat wel is.

Op de paar flessen die ik per jaar op verzoek maak staat ook de waarschuwing dat het geen genotsmiddel is maar een medicijn. Verheugt u met mij: Het werkt!! Niet dat het een permanent herstel is maar het haalt het branden echt weg voor een langere periode. Met een halve liter van deze siroop doe je gemakkelijk een halfjaar. Ik begroot een halve liter op een euro of negen.  Als het niet geheel duidelijk is vraag er nog eens om. Er staan meer recepten in mijn boekje.

Vriendelijke groet

Paul

Geplaatst in Recepten | Reacties staat uit voor Mondbranden, recept van het teloor gegane archief van Pollekens.nl/be

Kanker, bacteriële en virale oorzaken 2 deel vijf

Kanker deel vijf

 

Lees aub. de voorgaande vier delen eerst.

 

Infecties die kunnen leiden tot kanker.

 

We zijn deel vier begonnen met het noemen van de diverse meest voorkomende soorten kanker, ik word regelmatig verbeterd met typen kanker in plaats van soorten kanker. (adenocacinoma, sarcoma, epithelioma, lymphoma, leukemie enz. De termen zijn in de voorgaande delen al aan de orde gekomen Daarom zullen we voortaan maar spreken van typen kanker. We hebben heel vluchtig een aantal zaken geschetst. Tijd om er wat dieper op in te gaan.

 

Bacteriële infecties.

 

Helicobacter pylori, (H. pylori)de naam is al een beetje griezelig. Het is de bacterie die verantwoordelijk wordt gehouden voor het ontstaan van maagzweren en zweren aan de twaalfvingerige darm die net na de maag komt (ulcus duedeni). Met het bestrijden van maagzweren werd een belangrijke daling van het voorkomen van maagkanker waargenomen.

H.pylori is betrokken bij de ontwikkeling van klassieke darmkanker ( adeno-carcinoma)maar ook van maaglymphoma. Meestal verdwijnt demaaglymphoma definitief door een antibioticabehandeling.

Dat is een zeer belangrijke aanwijzing dat een en ander met elkaar in verband mag worden gebracht. Het voorkomen van de H. pylori is een redelijk gemakkelijke waar te nemen bacterie. Je ruikt eens aan de adem van een maagzweerlijder en als je een ureumluchtje waarneemt dan heb je een grote kans dat H. pylori actief is. Natuurlijk kun je het zekere voor het onzekere nemen en nog wat aanvullend onderzoek laten doen. Als we er weddenschappen op gaan afsluiten dan is winnen een makkie.

De Helicobacter pylori is een beetje uit beeld geweest in het grootste deel van de vorige eeuw. Herontdekking in 1982 bracht  samen met het aanreiken van een remedie in de zin van cimetidine, de onderzoekers een Nobelprijs.(J.Black kreeg hem voor de ontwikkeling van cimetidine, maar niet voor de “herontdekking van H. pylori) Tegenwoordig gebruiken we Omeprazol om kwaad te voorkomen.

Diverse planten kun je gebruiken ter voorkoming van maagzweren.

Wat maagkanker betreft hebben we het hier over een prima methode ter voorkomen van een boel leed. Nu zijn er echter aanwijzingen dat juist de H. pylori slokdarmkanker helpt voorkomen. Dat kan in wezen een kwestie zijn van keuze: het sparen van kool en/of geit. Uw arts dient u hierbij van deugdelijk advies.

 

Het bestrijden van H. pylori kan heel goed met een plant als de kattenklauw. (Uncaria tomentosa. cortex/radix) De bast of de wortel wordt gemalen en kan als poeder worden gebruikt of in capsules en pillen worden ingenomen. Het heeft ook bijzondere andere effecten die verder bij kanker nog dienstig zijn. Daar komen we later op terug.

Er zijn wat bezwaren te noemen bij het gebruik van kattenklauw. Het mag naar mijn persoonlijke mening niet gebruikt worden bij kinderen. De reden waarom komt nog aan bod in het vervolg van dit verhaal.

 

Phytomedicine. 2002 May;9(4):325-37.

Anti-inflammatory and antioxidant activities of cat’s claw (Uncaria tomentosa and Uncaria guianensis) are independent of their alkaloid content.

Sandoval M1, Okuhama NN, Zhang XJ, Condezo LA, Lao J, Angeles’ FM, Musah RA, Bobrowski P, Miller MJ.

http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/12120814

 

Maagwandontstekingen kun je ook gunstig beïnvloeden door regelmatig thee te gebruiken van gelijke delen duizendblad en kamille (eigen werk nog niet gepubliceerd), of heemst en kamille (idem) de laatste combinatie geeft via de heemst ook nog een extra bescherming door het afgeven van slijmstoffen uit de heemst. Ter voorkoming van maagzweren gebruik je bij voorkeur een mengsel van groene thee (zonder citroen), gember en appel. (gember is een familielid van de Curcuma. Ook eigen werk nog niet gepubliceerd). Als bijvoorbeeld antibiotica niet kunnen worden verdragen dan kan zoethout (60%) en heemst (40%) een goede dienst bewijzen.

De recepten en het gebruik kunnen op verzoek door mij op deze website worden geplaatst. Er zijn nog meer, maar dan enkelvoudige recepten te geven, ik praat dan normaal gesproken over “simplicia”. Over geelwortel hebben we het al gehad en staat als simplex “bij mij te boek” sinds 2008 tegen H. pylori.

 

Zoals u ziet kan ik het niet laten om er planten bij te sleuren.

 

Opmerking:

Is er sprake van behandelingen in combinatie met het enzym arginase wat bij sommige nog experimentele chemo’s het geval is, dan kan men beter geen zoethout gebruiken en zoethout houdende zaken als drop vermijden. Dan vervalt ook het recept met het zoethout. Zoethout bevat het hoogste percentage arginine van alle planten die ik ken. Het is namelijk zo dat de meeste typen tumorcellen zelf geen arginine kunnen aanmaken en dus arginine uit de bloedbaan nodig hebben  voor hun groei die gezonde cellen wel kunnen aanmaken en het overschot daaraan in de bloedbaan sturen. We komen bij het bespreken van angiogenese (Het naar de tumoren toegroeien van bloedvaten) nog op terug. In sommige gevallen wordt arginine juist toegepast vanwege andere invloeden op tumoren en veroorzakers van mutatie van cellen. Wat mijn eerdere opmerkingen over de complexheid van de materie nog eens onderstreept. Dus overleg met uw arts/oncoloog is van groot belang, laat u niet met een kluitje in het riet sturen bij gesprekken met uw arts. Wat weer een oproep aan de artsen is om duidelijkheid te verschaffen van de aard van behandeling.

Overeenkomstig met het voorgaande bij de behandeling van leukemie en vooral bij kinderen is er de behandeling met L-asperiginase , jawel een stof met als naamgever de asperge, de planten met het hoogste percentage zijn echter, lupine en wederom zoethout, maar ook de ananas, de smeerwortel en de sinaasappel bevatten nogal wat asperiginase. De asperge komt op plaats vierentwintig in de lijst van J. Duke.

De keuze voor drop (ook engels drop) bij een ziekenbezoek is dan geen goede keuze. Nog afgezien dat drop en statines elkaar ook niet verdragen, als urologen  het woord nierfalen horen raken ze toch in opwinding. Ook dan is er gevaar voor escalatie van de toestand. 

 

Een andere manier om bacterieel veroorzaakte tumoren te bestrijden is het nemen van tumorcellen en op basis daarvan een vaccin te ontwikkelen. Ongeacht de oorzaak van het ontstaan van kanker. Daarbij worden eigenlijk twee groepen van vaccins onderscheiden. De eerste is een groep van vaccins die werken op “shared cells” dus een groep van soorten die door één vaccin worden bewerkt, de tweede groep is tumorspecifiek. Het idee erbij is dat door het immuunsysteem te stimuleren het lichaam zelf de tumoren te lijf gaat.

Er zijn verschillen waarneembaar in de successen daarbij. Enerzijds verklaard men het succes puur op basis van de vorderingen die de groei van tumorcellen al hebben bereikt.

Vergevorderde tumorontwikkelingen bestrijden met een vaccin, lijkt een beetje vergelijkbaar met het proberen een olifant neer te schieten met een luchtbuks.

Met andere woorden de successen zijn het grootst wanneer men in een vroeg stadium een vaccin kan toedienen. Dat is natuurlijk een probleem, als de klachten er al zijn. Dat probleem kan je deels ondervangen door de gevonden vaccins toe te dienen na een chirurgische ingreep en/of chemokuur.  Om de vergelijking met de olifant te gebruiken, je vergiftigd hem eerst zodat dan het schot met de buks hem doet omkiepen. De tumoren zijn dan al op achterstand gezet en dan kan een vaccin zijn maximale nut gaan bewijzen.

Dat hangt met andere woorden samen met de prognose die u te horen krijgt.

 

Een andere voorwaarde is natuurlijk het moment, het stadium van gevorderdheid ( van de ontwikkeling) waarop de diagnose gesteld wordt.

Hierbij schiet me gelijk een artikel te binnen dat onlangs in de Volkskrant stond. Het ging over een methode om tot vroegdiagnose te komen.

We hebben al eerder opgemerkt dat in veel gevallen DNA uit gestorven cellen vrij kan komen. Elk type kanker heeft zijn eigen DNA “profiel”. De fragmenten van het DNA komen in de bloedbaan terecht. Dit zijn niet perse metastasen! Door bloedmonsters te nemen in een regelmatige frequentie en deze te onderzoeken op DNA residu en indien gevonden deze te determineren, kunnen de artsen in een zeer vroeg stadium tumorontwikkelingen waarnemen. Zelfs nog voor ze zijn ontstaan of als ze nog zo klein van omvang zijn dat ze nog niet blijken waar te nemen.

Met andere woorden: er is een uiterst belangrijk instrument tegen kanker bijgekomen. Hoever men is bij het gebruik ervan vertelde het artikel niet.

Het gebruik van vaccins bij viraal veroorzaakte kankers is verder gevorderd dan bij bacterieel veroorzaakte kankers.

 

In algemene zin is het gebruik van vaccins niet zonder nadelige bijwerkingen, je mag je de vraag stellen of dan het middel erger kan zijn dan de kwaal of de door toediening van het vaccin voorkomen kwaal. Ik heb het hierover gehad bij het op deze site geplaatste artikel over gevlekte scheerling. http://plantaardigheden.nu/?p=74

 

citaat:

 

Maar ook heeft de verlamming (veroorzaakt door gevlekte scheerling) veel overeenkomsten met het syndroom van Guillian-Barré, dat meestal bij nader onderzoek het gevolg blijkt te zijn van ingrijpende medicatie bij auto-immuun problemen maar vooral na vaccinaties als tegen de griep.”

 

Dit syndroom is gelukkig zeer zelden voorkomend en kent eerder andere oorzaken dan vaccineren en ik heb geen referentie kunnen vinden naar deze reactie op de eerder genoemde vaccins. Je kan gemakshalve ook redeneren dat de kans op succes groter is dan dat men hierdoor negatief in de prijzen valt. De keuze is dan vrij snel gemaakt.

 

Op wikipedia is op deze link:  http://en.wikipedia.org/wiki/Cancer_vaccine#cite_note-4 een lijst te vinden van de vaccins die nu in ontwikkeling zijn. Ook die waarvan de verdere ontwikkeling is gestopt. Of deze lijst volledig up to date is heb ik niet kunnen vinden, maar sommigen rapporten hebben zeer recente datums.

Bekend is het vaccin dat jonge meiden moet behoeden voor een virus dat verantwoordelijk wordt gehouden voor baarmoederhalskanker maar ook behoeden vaccins tegen hepatitis voor leverkanker en het onderzoek naar HIV zoekt mogelijkheden om diverse kankers te voorkomen.

 

Op Plantaardigheden.nl staat een artikel van mij over allerlei planten die als antiviraal worden aangemerkt. http://plantaardigheden.nl/aardig/aardigheden/antiviraal.htm

Het is niet toegespitst op virussen die kanker veroorzaken, in dit verband echter kan het interessant zijn om de effecten eens te evalueren.

 

Samengevat kunnen we zeggen dat als we het optreden van virussen en bacteriële infecties kunnen terugdringen, we een deel van de strijd kunnen winnen voordat de oorlog is losgebarsten.

 

In het volgende deel gaan we hierop verder in.

 

 

 

Geplaatst in Kanker, wat te doen? | Reacties staat uit voor Kanker, bacteriële en virale oorzaken 2 deel vijf

Kanker, typen en oorzaken (1). Deel vier

Kanker 4

 

Lees vooral de eerste drie delen.

 

Typen en oorzaken.

 

Aan de hand van de werking van curcumine heb ik geprobeerd een aantal dingen aan u te laten zien die inwerken op kanker. Nu wordt het tijd om eens wat meer in te gaan op de diverse soorten van kanker, met de oorzaken en dan wordt het een stuk ingewikkelder om de zaken goed op een rij te krijgen. Voor de volledigheid nog even een belangrijke opmerking uit deel drie, namelijk dat de meeste proeven zijn gedaan in vitro dat inhoud dat zoiets niet hetzelfde is als proeven bij dieren of bij mensen. Doel van dit verhaal is nu eenmaal om de dingen die u zelf kan doen om kanker te voorkomen aan te geven. Als planten daarbij behulpzaam kunnen zijn of als planten precies tegenovergesteld werken moet je precies weten wat de werking is van planten.

 

Dat is ingewikkelder dan u denkt. In een grijs verleden waren planten voor de geneeskunst zo’n beetje de enige bron van complexe stoffen die de geneesheren konden gebruiken om een lichaam dat in het ongerede was geraakt weer een beetje op peil te krijgen. Dat is dan één opmerking.

 

Er wordt me vaak gevraagd welke planten die dan weer steevast kruiden genoemd worden, wat kunnen doen tegen een kaal hoofd.

Het antwoord wordt dan, dat er planten zijn die stoffen bevatten die kunnen helpen tegen een kale bol, maar als het perfect zou werken dan liepen er echt geen kale mensen meer rond. Want afgezien van een kaalgeschoren bol vanuit mode overwegingen zit niemand op kaalheid te wachten.

Zo ben ik op Vancouvereiland ten westen van Canada bij medicijnmannen op bezoek geweest, die een uitstekend middel zouden hebben tegen suikerziekte II. Het recept bestaat uit vijf verschillende planten en telkens een ander onderdeel van die planten.

Nergens komt in een volk zoveel suikerziekte II ( ouderdomssuiker en suikerziekte als gevolg van bijvoorbeeld overgewicht)  voor als juist bij Noord-Amerikaanse Indianen.

Overgewicht en overmatige drankzucht zijn daar de voornaamste oorzaken. Dus of het recept werkt niet, of men moet eerst wat doen aan de genoemde oorzaken en dan kan het recept zijn werk doen. Dat is dan de tweede opmerking.

 

Artsen en onderzoekers zijn stevig op zoek naar middelen die kunnen werken tegen kanker. Het lijkt een beetje op het zoeken naar de “Heilige Graal”. Telkens als er gedacht wordt: ‘Dit is het ultieme middel’, dan blijkt dat het net weer niet het geval is.

Met andere woorden: Omdat er nog steeds alleen in Nederland al, een 38.000 mensen jaarlijks aan de gevolgen van kanker overlijden, is elke claim dat de ultieme medicatie gevonden is, niet meer of minder dan een onwaarheid of slechts een stap in de goede richting.

 

Ook de zaken die ik u zal aanreiken zijn niet meer dan dat, stapjes in de goede richting. Of proberen te voorkomen u net de verkeerde stapjes doet.

 

De meest voorkomende soorten kanker.

 

Bij vrouwen zijn dat doorgaans:

·         Huidkanker

·         Borstkanker

·         Darmkanker

·         Longkanker

Bij mannen:

·         Huidkanker

·         Prostaatkanker

·         Darmkanker

·         Longkanker

 

Bij kinderen:

·         Bloedkanker (leukemie)

·         Lymfomen

·         Hersentumoren

 

De andere typen die vaak voorkomen zijn:

 

Alvleesklier kanker, baarmoederhalskanker, hersentumoren, blaaskanker, botkanker,  huidkanker in soorten, maagkanker, neus- en keelkanker, Wilmstumor (blastoom aan de nieren bij vooral kinderen), eierstokkanker, nierkanker (anders dan de Wilmstumor), leverkanker, asbestose (een longziekte na inademen van asbest dat zich kan ontwikkelen tot mesothelioma: een soort borstvlieskanker) en teelbalkanker.

 

 

Oorzaken:

 

De hoofdredenen waarom kankers kunnen ontstaan zijn meestal te vinden in beschadigingen van het DNA en mutaties daarvan. Zoals u zult weten is het DNA de drager van de erfelijke eigenschappen. DNA kan bij de ouders al defecten vertonen of gemuteerd zijn en die kunnen doorgegeven worden aan de kinderen. Dat hoeft niet altijd te leiden tot kanker, alleen is het risico dat gelopen wordt groter. Dat speelt een voorname rol bijvoorbeeld bij borstkanker en eierstokkanker.

Daar zijn voornamelijk twee genen verantwoordelijk voor, BRCA 1 en BRCA 2.  Het is maar dat u er van gehoord hebt. Soms is het risico zo groot dat al aanbevolen wordt preventief borsten en of eierstokken te verwijderen. Met alle trauma van dien.

 

Borstkanker komt niet alleen bij vrouwen voor overigens, mannen lopen een veel geringer risico (2 op 1.000 gevallen) maar het is voorgekomen in mijn eigen omgeving.

 

Beschadiging van DNA en oorzaken van mutaties.

 

Veel van de beschadigingen aan de eigenschappen van de cellen worden veroorzaakt door infecties. Soms worden die veroorzaakt door bacteriën en berucht zijn virale infecties.

Daarnaast zijn er ook invloeden van fysieke aard zoals Röntgenstraling, UV straling uit zonlicht en ook de zonnebank, “and last but not least”:  Radioactieve straling. Eigenlijk zeg ik dat niet helemaal goed, het moet zijn: straling veroorzaakt door radioactieve bronnen. Zonnebanken mogen niet onderschat worden als bron van straling. Een “gezonde” bruine kleur is niet altijd gezond, vraag maar aan uw dermatoloog.

Een heel grote groep stoffen van chemische aard wordt carcinogeen genoemd. Waarbij u voor carcinogeen moet lezen kankerverwekkend. Stoffen die veranderingen aanbrengen in het DNA en dus ook zoals we gelezen hebben aanleiding kunnen vormen voor de ontwikkeling van een of andere kanker, worden wel ‘mutageen’ – of als ze giftig zijn ‘genotoxisch’ genoemd.

In principe zijn al uw voedingsmiddelen carcinogeen te noemen als de concentratie van de stoffen boven een bepaald niveau uit komen of als u er zoveel van gebruikt dat ze wel beschadigingen kunnen opleveren. Dat klinkt dramatischer dan het is, je kan door het overmatig drinken van water ook een behoorlijk risico lopen. Ik zeg wel eens dat het drinken van 15 liter water op een dag dodelijk kan zijn. Maar dat heeft met dit onderwerp niets van doen. Het zal duidelijk zijn dat gelukkig niet alle voedingsmiddelen deze kwalificatie mee hoeven te krijgen. In tegendeel er zijn er die precies het tegenovergestelde in werking brengen.

 

Een uitzondering wil ik maken op de regel dat asbest in het rijtje van carcinogene chemische stoffen wordt opgenomen. Asbest is in chemische zin te vergelijken met klei, of met kwarts. Niet echt gevaarlijk in eerste instantie. Het nadeel is dat het voorkomt als zeer hardnekkige kleine knalharde vezels die, als ze via de ademhaling binnenkomen of wat zeldzamer is, via besmet voedsel en drank beschadigingen kunnen veroorzaken die lijden tot “asbestose”. Waaronder mesotholioom wordt begrepen die in de longen en minder voorkomend in de buikholte tot kanker leiden.

Als voormalig verwerker van asbest heb ik me daarin als vanzelfsprekend verdiept.

Als men asbest zou verhitten tot boven de elfduizend graden Celsius, dan vallen de vezeltjes uit elkaar en kunnen dan geen schade meer aanrichten. Samen met een collega heb ik onderzoek gedaan naar de haalbaarheid van het ombouwen van een steenfabriek naar een verwerkingsinstallatie van asbest. De steenfabriek draaide op gas dat uit een stortplaats werd gewonnen. Maar desondanks waren de kosten te hoog in vergelijk tot het begraven van asbest op een stortplaats. Daardoor is de installatie er niet van gekomen.

In principe is asbest wel chemisch te noemen alleen is er niet een chemische eigenschap verantwoordelijk, maar een fysieke eigenschap.

 

Mijn excuus voor het berijden van stokpaardjes, maar ik was nogal fanatiek in die dagen op het gebied van gevaarlijke stoffen.

 

Er is onder anderen een lijst beschikbaar op het internet die u kan raadplegen als u van een bepaalde stof wilt weten of die carcinogeen is of niet. Met alle gradaties van dien. Dat is de site: http://monographs.iarc.fr/ van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) van de Verenigde Naties. Niet de eenvoudigste site om te lezen, evengoed wel zo betrouwbaar.

 

De volgende aflevering in deze serie gaan we verder in op de gevolgen van infecties, straling en inwerking van chemische stoffen. Daarna gaan we ontrafelen wat de begrippen “vrije radicalen” en anti-oxidanten met elkaar van doen hebben.

 

 

 

Geplaatst in Kanker, wat te doen? | Reacties staat uit voor Kanker, typen en oorzaken (1). Deel vier

Kanker en de effecten van curcumine (deel drie)

Lees eerst de delen 1&2

Derde deel

We zijn nog niet klaar met de mechanismen die de apoptose in gang brengen dan wel dat ze op gang gehouden worden. Bij het cytochroom c waren we gebleven:

Cytochroom c is een klein rood gekleurd eiwit dat bij de energiewinning van de cel een rol speelt als elektronentransporteur. U voelt hem al aankomen bij beschadigingen van de mitochondriën in de cel komt het in het celvocht terecht waar het signalen af gaat geven die de in de vorige bijdrage genoemde kaspase-cascade veroorzaakt (cascade=opeenvolgende gebeurtenissen vergelijkbaar met een kettingreactie) en dat leidt weer tot apoptose.

Met andere woorden als curcumine helpt bij het vrijmaken van cytochroom c dan kan de aanmaak van bloedplaatjes, bij leukemie een van de problemen, op peil worden gehouden.

Het is trouwens een zeer specifiek eiwit voor alle levende organismen, het kan naast bepaalde andere eiwitten, als herkenningspunt gebruikt worden  dat de wetenschap helpt om de plaats van het organisme (lees: soorten) in de evolutie te bepalen en er kunnen ook verwantschappen mee worden herkend. Een curieus eiwit dus.

 

Het vrijmaken van de AIF

 

Met “AIF” wordt in medische rapporten de “apoptosis inducing factor” aangeduid en bedoeld wordt: een bepaalde stof, een eiwit, dat in de mitochondriën gevonden wordt. Het AIF verlaat deze “fabriekjes” om in het celvocht te worden opgenomen om van daaruit weer in de celkern terecht te komen. Daar kan het tekeer gaan en veroorzaakt ‘t het samentrekken van chromatine en het uiteenvallen van het DNA. Chromatine is een samenhang van DNA en eiwitten in de celkern van cellen met een volledige celopbouw. Het DNA zit niet “verpakt”, de bouw van het chromatine zorgt er voor dat het DNA compact is zodat het in de celkern past, buiten nog wat andere functies. Het kernmembraan zorgt er voor dat het compacte hoopje in de kern blijft en slechts daar tot uitdrukking van zijn functie komt.

Ergo, als de AI factor op dit keurige huishouden wordt losgelaten dan is het gedaan met de pret en sterft de cel. ***** 

 

*****

Thayyullathil F, Chathoth S, Hago A, Patel M, Galadari S. Rapid reactive oxygen species (ROS) generation induced by curcumin leads to caspase-dependent and -independent apoptosis in L929 cells. Free Radic Biol Med. 2008;45:1403–12. [PubMed] 

Lorenzo HK, Susin SA. Mitochondrial effectors in caspase-independent cell death. FEBS Lett. 2004;557:14–20. [PubMed]

Rashmi R, Kumar S, Karunagaran D. Human colon cancer cells lacking Bax resist curcumin-induced apoptosis and Bax requirement is dispensable with ectopic expression of Smac or downregulation of Bcl-XL. Carcinogenesis. 2005;26:713–23. [PubMed]

 

Groeifactoren en hun receptoren.

Zoals we bij de AI factor al zagen worden stoffen die invloed hebben op de processen in de cel een factor genoemd. Met receptoren worden plaatsen aangeduid waar informatie wordt uitgewisseld. We hebben die eerder met ontvangers vergeleken. Een aantal groeifactoren, die allemaal naar hun specifieke eigenschappen zijn ingedeeld en als zodanig een naam hebben gekregen, die een beetje te complex zijn om die hier allemaal te duiden, hebben een bewezen invloed op de groei van tumorcellen. Als je deze groeifactoren kunt onderdrukken of hun receptoren dan ben je al een aardig eindje op weg. Curcumine heeft dat effect en versterkt de apoptose in bijvoorbeeld in kwaadaardige tumoren  van het type adenocarcinoma in de longen.

 

Lev-Ari S, Starr A, Vexler A, et al. Inhibition of pancreatic and lung adenocarcinoma cell survival by curcumin is associated with increased apoptosis, down-regulation of COX-2 and EGFR and inhibition of Erk1/2 activity. Anticancer Res. 2006;26:4423–30. [PubMed]

Chadalapaka G, Jutooru I, Chintharlapalli S, et al. Curcumin decreases specificity protein expression in bladder cancer cells. Cancer Res. 2008;68:5345–54. [PMC free article][PubMed]

 

In het rapport (* Curcumin and Cancer Cells: How Many Ways Can Curry Kill Tumor Cells Selectively? Jayaraj Ravindran, Sahdeo Prasad, and Bharat B. Aggarwal)

waar ik stevig uit heb geput staan verder nog een aantal werkingen beschreven die op zijn zachtst gezegd meer voer voor de vakmensen zijn, met uitzondering van één, een combinatie met Taxol wilde ik het hierbij laten.

Het betreft het gebruik van curcumine in een techniek die nu wereldwijd wordt onderzocht. Want curcumine heeft een nadeel het kan niet zomaar worden toegepast bij alle typen kanker. In “Kanker 1” hadden we al opgemerkt dat curcumine slecht oplosbaar is in vet en olie zodat macereren in olie weinig zin heeft. Daardoor kan het een aantal typen tumoren niet binnendringen. Dat is bijvoorbeeld van belang bij borstkanker. Daarom zoekt men nu naar een mogelijkheid om de curcumine te verpakken in wat je populair gezegd vetbolletjes kan noemen (isotomen). Daar is meer over te lezen op de volgende link van het Amsterdams Medisch Centrum (AMC),

 http://www.amc.nl/web/Het-AMC/Nieuws/Nieuwsoverzicht/Nieuws/Geelwortel-tegen-tumoren.htm , 

dat artikel is in het Nederlands en goed leesbaar.

Even tussendoor: Voor een beter begrip: Bij het onderzoek naar de werking van stoffen op de diverse typen kanker wordt onder meer gebruik gemaakt van zogenaamde cellijnen. Dat zijn gekweekte cellen die dan blootgesteld kunnen worden aan stoffen waarvan dan de effecten  kunnen worden bekeken. Met de resultaten kunnen onderzoekers aan de slag. Probleem is dat de omstandigheden in een laboratorium heel anders zijn en gewoon niet altijd één op één herhaald kunnen worden in het menselijk lichaam, omdat de biochemische fabriek die het menselijk lichaam eigenlijk is, allerlei barrières ingebouwd heeft die verhinderen dat het beoogde middel op zijn plek kan komen. Een aantal van die barrières zijn onder meer het spijsverteringskanaal, de bloedbaan en niet te vergeten, de chemische fabriek optima forma: de lever. Dus kunnen laboratoriumproeven een effect aantonen die nog niet herhaalt is of kan worden in het menselijk lichaam voordat er een methode is gevonden om voorbij de barrières te komen. U dient zich dan ook niet meteen blij te maken met “een dode mus”, als er een publicatie komt over een boeiend resultaat van wetenschappelijk onderzoek. Eerst moeten barrièreproblemen worden opgelost als die er zijn, dan pas kunnen we ons verheugen op de resultaten. 

De werking van Taxol bij gebruik tegen borstkanker wordt blijkens de in vitro proeven niet door curcumine beïnvloed en de combinatie daarmee kan daarom goed mogelijk zijn. Veertig jaar geleden werd ik nog een beetje voor zot versleten omdat ik sprak van de mogelijkheden van de venijnboom (Taxus baccata) bij borstkanker. De geschiedenis heeft me een beetje gelijk gegeven. Alhoewel Taxol niet de ultieme remedie is gebleken, werkt het wel remmend  op de ontwikkeling van bestaande tumoren.

Het effect van curcumine op normale cellen.

Op basis van allerlei proeven zijn er sterke aanwijzingen dat curcumine diverse effecten heeft op endotheliale cellen (de bekleding van een aantal weefsels), lymfocyten (verschillende types witte bloedcellen), hepatocyten (levercellen), fibroblasten ( bindweefselcellen, de cellen die bijvoorbeeld om het spierweefsel zitten), thymocyten (lymfocyten die in de zwezerik –thymus- zijn omgevormd) en de weefsels van het borstepitheel, zijn de artsen en onderzoekers er nog niet helemaal uit waarom nu juist de tumoren aangepakt worden en de normale cellen niet. Er zijn wel veronderstellingen zoals de verhoogde opname van curcumine door tumorcellen tegenover de geringe opname door normale cellen. In het verhaal van het AMC wordt dat ook genoemd.

Het onderzoeksrapport besluit dat curcumine effectief is tegen een brede variatie tumorcellen en omdat het op zoveel verschillende manieren de celsterfte beïnvloed is het heel goed mogelijk dat de tumorcellen geen weerstand kunnen ontwikkelen tegen curcumine.

We zetten de waargenomen effecten van curcumine voor u op een rij:

·         Caspase – activering

·         Inductie van Sterfte receptoren

·         Het clusteren van FAS receptoren

·         De effecten op de p53/p21 processen

·         Het vrijmaken van “Apoptosis Inducing Factor” als besproken in Kanker 2

·         Het reguleren van de celcyclus

·         Het tegengaan van PI3K-AKT activering

·         Het tegengaan van de mTOR

·         Het verminderen van de werking van Androgeen receptoren

·         Het verminderen van groeifactoren en de receptoren daarbij

·         Het tegen gaan van de door AMP op gang gebrachte eiwitkinase. (AMPK)

·         Het verhinderen van zowel Cyclo-oxygenase alsmede de LOX5 expressie in de darmbekleding

·         Het tegengaan van “Ornithine Decarboxylase”

·         Het tegengaan van “Acidic Sphingomyelinase”

·         Het tegengaan van “Phospholipidase D”

·         Het Acitiveren van de “Thioredoxin reductase”

·         Het tegengaan van “STAT3 activering”

·          Het activeren van “c-Jun Kinase”

·          Het induceren van DNA fragmentatie

·          Het direct veroorzaken van DNA schade van carcinoomcellen

·          Het binden en tegengaan van  “Glyoxalase”

·          Het onderdrukken van anti-apoptotische eiwitten

·         Het activeren van specifieke proteases

·         Het in balans houden van anti- en pro-oxydanten

·         Het veroorzaakt Autofagie

·         Het onderdrukken van NF-kB

·         Het tegengaan van “Wnt/bèta-catenin signalen”

Een aantal hebben we besproken en verder dan dit wil ik hier nu niet gaan.

Het unieke van curcumine zit hem in het grote aantal waargenomen effecten. Het belang hiervan hebben we met deze lijst nog eens onderstreept.

Omdat gezonde cellen bij de onderzoeken nauwelijks of geen hinder schenen te ondervinden van curcumine is het een aantrekkelijke kandidaat voor medicijnontwikkeling. Vanzelfsprekend bijna eindigt het met de woorden dat verder onderzoek geboden is. Vooral waar het de toegang tot de tumoren betreft.

Even kort samengevat voor praktisch gebruik: Anders dan bij darmkanker heeft het geen zin om nu uw voedingspatroon om te buigen naar een koenjitrijk dieet. Het komt gewoon niet op de plek waar het actief moet zijn. We zullen af moeten wachten tot wanneer de “nanotechniek” van de vetbolletjes uitontwikkeld is voordat we het voor allerlei typen tumoren kunnen inzetten.

Voor het behandelen van darmkanker heb ik in een krantenartikel gelezen dat ca. acht gram kurkuma per dag effectief zou zijn.  Alleen welke? De Curcuma longa met zijn 1% curcumine of de Curcuma xanthorrhiza met 1/10 %. Reed Elzevier is de eigenaar van de relevante rapporten en die maakt dat het mijn budget te boven gaat om u dat precies te kunnen vertellen. Acht gram Curcuma longa (rhiz.) komt dan ongeveer overeen met circa tachtig milligram curcumine.

Als het gaat om de curcuminebereiding gok ik dat het om de Curcuma longa gaat, maar als keukenspecerij gaat het over de Curcuma xanthorrhiza de Koenjit en ik vermoed dan dat er gesproken wordt over de laatste. De C. longa wordt op het Indisch schiereiland het meest gekweekt en er wordt qua smaak een beetje neerbuigend over gedaan. Mijn Indiase kruidenboeken reppen over een groot aantal aandoeningen waarvoor het gebruikt kan worden. De Curcuma longa wordt na de oogst meestal gekookt en daarna gedroogd en gemalen afhankelijk van de bestemming nadien.

Op Plantaardigheden.nl is een “monografie”geplaatst op de volgende`pagina:http://plantaardigheden.nl/art_div/geelwortel.htm . Dat is het enige artikel over de soort Curcuma niet te verwarren met de Canadese geelwortel waarover ik al andere bijdragen schreef. Alle kwalen waar bij de geelwortel sprake is komen daar aan bod.

In de volgende aflevering in deze reeks komen we te spreken over de oorzaken van het ontstaan van de diverse typen kanker.

 

Geplaatst in Kanker, wat te doen? | Reacties staat uit voor Kanker en de effecten van curcumine (deel drie)

Kanker: de manieren om kankercellen te doden (Deel twee)

Kanker 2

 

 

Lees aub. eerst het eerste bericht over dit onderwerp. http://plantaardigheden.nu/?p=104

 

Manieren om cellen (lees: kankercellen) te doden:

 

Er zij twee hoofdwegen voor celsterfte het ene is de al eerder genoemde apoptose wat in werkelijkheid gelezen moet worden als geprogrammeerde zelfmoord van de cel die niet uit eigener beweging wil sterven, en de ander necrose ofwel celsterfte door beschadiging.

 

Apoptose wordt ook wel omschreven als geprogrammeerde celsterfte en dat houdt een hele serie van biochemische gebeurtenissen in die leiden tot een karakterverandering van de eigenschappen van de kankercellen en uiteindelijk daardoor de sterfte van die cellen.

 

Necrose of geforceerde celsterfte wordt op gang geholpen door een serie van gebeurtenissen van buitenaf zoals een infectie, of vergiftiging of een trauma* die aan de cellen wordt toegebracht.

 

*Een ongeluk met een auto bijvoorbeeld die een beschadiging of verwonding veroorzaakt wordt in de wetenschap ook een trauma genoemd. Denk aan de afdeling traumatologie in het ziekenhuis

 

Er zijn nog aanvullende mechanismen bekend geworden die celsterfte kunnen veroorzaken zoals het versterven door “verhongering” (autophagie) hierbij kunnen sommige planten een verstorende rol spelen. Maar daar komen we op terug.

 

Ook is het mogelijk dat celsterfte ontstaat door het binnendringen van een cel door een andere cel. Over het nut en functie wordt nog heftig gedebatteerd het wordt wel entosis genoemd. Aan de ene kant levert het nieuwe problemen op en aan de andere kant kan het helpen bij het oplossen.

 

Zo is daar ook de term paraptosis waarvoor ik geen fatsoenlijke vertaling heb gevonden (u kunt me daar misschien bij helpen, stuur uw suggestie in) dat is een vorm van geprogrammeerde celsterfte door gebruik te maken van een vorm van insuline waarvan een groeifactor is genomen die celholtes (vacuolen) doet ontstaan in het celvocht, het zet kankercellen aan om nieuw RNA (dat zijn berichtenzenders, verwant aan DNA) te zoeken en nieuw eiwit te vormen.

Het wordt dan lastig om snel uit te groeien. Het lijkt dan sterk op zelfmoord van de tumorcellen. (apoptose)

Een volgend mechanisme dat ook van redelijk recente datum is, wordt anoikis genoemd wordt maakt gebruik van een nieuw gevonden eiwit die de uitzaaiing bemoeilijkt van de tumorcellen en wordt vaak bij specifieke melanomen (een type huidkanker) uitgeprobeerd. Het wordt gebruikt om verplaatsingen van het probleem tegen te gaan.

http://www.bioresearchonline.com/doc/new-therapeutic-target-for-melanoma-0001

 

Deze zaken zijn van belang om te begrijpen waar de aanknopingspunten liggen.

 

Vandaag 27 jan. 2014 staat in de Volkskrant een artikel over het stimuleren van het immuun systeem om celsterfte te reguleren. In Science is daar onlangs een artikel over gepubliceerd.

 

Wilt u meer weten dan kunt u hier terecht:

http://www.cancerresearch.org/cancer-immunotherapy/what-is-cancer-immunotherapy .

 

Hier is wel een patiëntspecifiek onderzoek een vereiste omdat elk weefsel en natuurlijk ook de tumoren een uniek afweersysteem kennen en de therapie moet daarop worden aangepast.

De ontwikkelingen maken me erg nieuwsgierig naar de effecten op de lange termijn. Het optimisme wordt er wel door vergroot. Of het de grote krantenkoppen rechtvaardigt moeten we afwachten.

 

Deze mogelijkheid was mij al een jaar of achttien bekend omdat ik in overleg met een oncoloog een plantaardig middel had geadviseerd dat een heel sterke stimulans van het immuunsysteem geeft. Dat in combinatie met een veel zwaardere dosering cytostatica dan normaal gebruikelijk gaf, in dit geval bij hersentumoren, een sterke verbetering van het ziektebeeld en zorgde voor de overleving van de patiënte die leed  aan zesentwintig kleinere tot middelgrote tumoren in het hoofd. Jammer genoeg was de vorming van littekenweefsel in het brein aanleiding dat volledig herstel van de klachten zoals gedeeltelijke uitval van spraak en verstoring van de fijne motoriek uitbleef. Dit is overigens één van de sterkste voorbeelden van de inzetmogelijkheden van planten bij een therapie die ik voor u te bespreken heb.

 

 

Specifiek de benadering van de bovenstaande mechanismen aan de hand van de werking van Geelwortel. Dat is dan niet de Canadese Geelwortel (Hydrastis canadensis) zoals die op Plantaardigheden.nl staat maar de Curcuma in soorten waar nog een beschrijving van de plant zal worden opgenomen met de aspecten en effecten die het verder nog heeft. Ik heb nog de nodige tussendoortjes te plegen.

 

Waarom de geelwortel?

 

Dat heeft te maken met de brede werking van geelwortel en in het bijzonder de stof curcumine die een rol blijkt te spelen bij veel van de celsterfte regulerende processen. Dan is het handig om een goed rapport te hertalen. Beter goed gejat dan slecht bedacht is hier het motto.  Bijna alle mechanismen komen dan aan bod.

Deze mechanismen komen voor bij diverse behandelingen van kankers en omdat planten vaak dezelfde effecten kunnen hebben is het nuttig als we een referentie kader hebben waaruit kan blijken dat het benutten van sommige planten eenzelfde effect kunnen hebben als waarmee de oncoloog behandelt, of juist een tegenovergesteld effect dan wat de oncoloog bij zijn behandeling voor ogen heeft. Daarom deze toch intensieve beschrijvingen.

We zullen ook in een volgende bijdrage gaan zoeken naar de oorzaken en waar we dan met planten kunnen proberen zaken te voorkomen.

Ik realiseer me dat ik hier en daar een beetje in herhalingen zal vervallen omdat ik zo manmoedig poog begrijpelijk te blijven door met de termen die het rapport gebruikt een kleine verklaring mee te geven. U wordt verzocht daar door heen te kijken. Ik ga dan ook als kopje de termen gebruiken die eerder zijn verklaard of vertaald en dan komen we vanzelf bij de werking van in dit geval Geelwortel uit.

 

Apoptosis.

 

Celsterfte is eigenlijk een normaal fysiologisch proces wat hoort bij de standaard levensverrichtingen dat noodzakelijk is voor normale stabilisatie van de celtoestand, dat wordt ook wel homeostase genoemd.

De veranderingen in de cellen die hierbij betrokken zijn, zijn op zowel uiterlijkheden van de cel en op de biochemische processen die meespelen, daarbij inbegrepen het uiteenvallen van de cellen en het krimpen van de cel en de neerslag en verwijdering van de inhoud.

Bij dat proces worden proteases, dat zijn enzymen die de eiwitten afbreken, gestimuleerd. Wat je beeldend zou kunnen vergelijken met composteren, dat is de afbraak van organische spullen tot materiaal dat je weer elders kan gebruiken. Normaal gesproken zorgt het lichaamsafvalverwerking systeem voor de verwijdering. De celsterfte zoals we al hadden opgemerkt kan worden opgewekt door zowel interne zaken als wel door die van buitenaf worden ingebracht inclusief de afbraak van de receptoren van de cellen en gifaanvallen.

Celsterfte wordt meestal door een samengaan van al die factoren opgewekt. Een complex verhaal dat wel.

Immuuncellen die niet volgens de regels functioneren en juist ons weefsel aantasten zouden er ook beter aan doen te sterven, onvoldoende apoptose kan dan leiden tot auto-immuunziekten. Onvoldoende celsterfte kan ook tot kanker leiden.

 

Ergo:

Een cel die als gevolg van apoptose niet sterft als zou moeten kan een kankercel worden, maar ook kan een overdreven celdeling een gezwel worden als die niet gevolgd wordt door celsterfte dat het tempo van de celdeling kan bijhouden.

 

Met andere woorden: apoptosis die niet volgens de regels verloopt kan kanker veroorzaken maar verhoogde apoptosis bij tumorcellen bestrijd dat juist. De vakman weet welke stoffen de normale cellen doorgaans met rust laten en juist die cellen aanpakken die we kwijt willen. Al zullen er veel cellen zijn die we gezond noemen, die ook een ernstige veeg uit de pan meekrijgen als er bijvoorbeeld cytostatica worden toegediend.

Cytostatica zijn de gifstoffen die bij een “chemo” worden toegediend en die dienen de celdeling te verhinderen.

Kankercellen vermenigvuldigen zich heel sterk waardoor ze ook meer gevoelig zijn voor deze stoffen.

Cellen die zich van nature snel delen (en ook een hoge omloopsnelheid hebben) zoals het epitheel (bekleding) van darmen en de haarcellen delen dan ook vooral in de klappen die worden uitgedeeld.

Alle cellen kennen rustperiodes. Als je dan een “chemo”gaat toedienen worden daardoor niet alle cellen tegelijkertijd aangepakt dan zal je de chemo nog een aantal keren moeten herhalen om alle cellen die behandeld moeten worden aan de beurt te laten komen.

 

Nu weet u hoe het komt dat mensen vaak kaal worden als gevolg van een chemo.

 

Necrosis

 

Celsterfte door necrosis treed als eerder gezegd op door mechanische of gifstof gerelateerde beschadiging. De aan necrose lijdende cellen zijn te onderscheiden van de cellen die door apoptosis sterven door dat ze meestal opgezwollen zijn, barsten in hun celwanden vertonen en het stoppen van het werk in de organellen (zeg maar de fabriekjes binnen de cellen) en uiteindelijk het uiteenvallen van de cellen (lysis) waarbij de celinhoud vrijkomt en dat geeft een respons in de vorm van ontstekingachtige verschijnselen.

De overige verklaringen van celsterfte zijn eigenlijk al redelijk omschreven.

 

Wat u vooraf moet weten over curcumine:

 

Curcumine is een stof die voornamelijk terug gevonden kan worden in de planten van het genus Curcuma en in het bijzonder C. longa (geelwortel, Indische saffraan ook wel Turmeric) met 38.888 ppm. in de wortelstok en  C. xanthorrhiza (Javaanse saffraan of Temu Lawak) met 10.000 ppm en de C. zedoaria (Shoti of Zedoary) met slechts 1.000 ppm.

U moet dan weten dat 10.000 ppm. overeenkomt met 1%. (bron gehalten: de database van J. Duke)

De mens zou de mens niet zijn als hij de stof niet heeft geïsoleerd en verfijnt tot puur curcumine.

Het valt meteen op dat veel stofjes de naam dragen van de plant waaruit ze is voorgekomen.

Dat isoleren en verfijnen tot pure plantenstoffen heeft een nadeel in een aantal gevallen omdat sommige planten als plant gebruikt synergie (door samenloop/-werking versterkte werking) vertonen. Maar de medicus wil graag met pure stofjes werken zodat ze de dosering redelijk precies kunnen instellen. Lijkt logisch maar soms is het dat helemaal niet in mijn ogen.

We komen daar nog wel over te spreken. Ook zitten er aan curcumine verwante stofjes in de geelwortel die een vergelijkbare werking hebben met die van curcumine, dan wordt het lastig om als de onderzoeker een bepaalde dosering geeft voor curcumine je een rekenkundige vertaalslag moet maken naar het ongeraffineerde product in deze dus geelwortelpoeder.

Zoals je die kan kopen in een beetje gesorteerde supermarkt of Toko of de Turkse en/of Marokkaanse winkel die doorgaans deze poeders los verkopen.

Laat staan dat je in een mengsel van geelwortel en andere zaken dat we doorgaans kerrie noemen het gehalte aan curcumine uit het hoofd kan berekenen, maar alors, een frutje meer of minder maakt in de praktijk van de keuken niet veel uit. De naam in de Indische Toko is Koenjit.

 

Nu dan de specifieke eigenschappen van curcumine:

 

Curcumine is goedgekeurd als voedingsmiddel en heeft een E-nummer meegekregen E-100. Nu weet ik ook wel, dat er een geloof is dat alle E-nummers verdacht zijn en vermeden moeten worden, maar dat is echt een broodje aap verhaal van de eerste categorie. Er zijn wel E-nummers waarvoor ik de wenkbrauwen frons maar zeker niet in dit geval.

 

http://www.food-info.net/nl/e/e100.htm citaat:

 

Acceptabele dagelijkse inname (ADI) :  Tot 1 mg/kg lichaamsgewicht voor curcumine, 0.3 mg/kg voor turmeric.

Bijwerkingen : Geen bijwerkingen in de gebuikte concentraties in levensmiddelen.

Dieetbeperkingen: Geen. E100 kan gebruikt worden door alle religies, vegetariërs en veganisten.

 

Opmerking:   Volgens de regels mag een doorsnee mens als ik (tweeënzeventig kilo, 1,8 mtr.) ca. 70 mg curcumine gebruiken in pure vorm en een derde daarvan als turmeric (koenjit) ofwel de ruwe vorm. Ziet u, zo komen de verwarringen in de wereld. Lees dus alles op het web kritisch. (Ook dit verhaal overigens.)

De verwarring die hier gelezen kan worden komt eigenlijk door de verschillen in de gehalten aan curcumine in de diverse vertegenwoordigers van het geslacht Curcuma zoals ik u hierboven heb verteld.

Dus de dosering van curcumine als men uitgaat van het ruwe product moet je berekenen naar de gehaltes aan curcumine per soort plant.

 

Ook binnen de soort zijn er variaties, mede door de omstandigheden waarin de plant opgroeit. In de praktijk komt het er vaak op aan dat je de standaards niet klakkeloos moet hanteren, maar ook moet kijken naar de samenlopen met het voorkomen van aanverwante stoffen die ook meedoen aan het bereiken van het beoogde resultaat. Dan kan de geciteerde dosering ruw materiaal plotseling wel kloppen.

Maar zeker ben ik daar niet van, dus het gebod is om dan even verder te spitten.

 

Curcumine is de naamgever van de groep curcuminoïden, in die groep zitten stoffen die of een afgeleide of een voorloper van curcumine zijn in de biochemische processen van de plant. Derivaten en precursors genoemd in de wetenschap. Curcumine is de stof die het meest geschikt is om te gebruiken in preparaten vanwege haar stabiliteit en oplosbaarheid. Niet tegenstaande dat, wordt het ruwe materiaal  met de stof di methyl sulf oxide, aceton en ethanol (een alcohol) oplosbaar gemaakt. Macereren (het aftrekken) in olie heeft weinig zin omdat ze slecht oplossen in vetten. De stoffen behoren tot de natuurlijke fenolen. Onderzoeksrapporten ** hebben opgeleverd dat sommige derivaten nog meer potentie bezitten dan curcumine zelf.

**Jayaprakasha GK, Rao LJ, Sakariah KK (2006). “Antioxidant activities of curcumin, demethoxycurcumin and bisdemethoxycurcumin”. Food Chemistry 98 (4): 720–4. doi:10.1016/j.foodchem.2005.06.037

 

Mechanismen bij celsterfte veroorzaakt door Curcumine:

 

Activeren van een specifieke protease.

 

 

Proteases zijn natuurlijke afbraakmiddelen, ze komen onder meer voor in het spijsverteringstraject waar ze als een soort geavanceerde “biotex” eiwitten afbreken.

Een van de redenen waarom de zorg bij  ouderen en ook bedlegerigen zoveel aandacht behoeft is dat bij het gebruik van incontinentieluiers opgelet moet worden vooral bij diaree.  Datde luiers zo goed als ogenblikkelijk na ontlasting, moeten worden vervangen.

In de ontlasting komen vaak nog van die eiwitafbrekers die normaal nuttig werk verrichten mee. Met een dikke kans op doorligachtige plekken tot gevolg. Die genezen erg moeilijken geven veel last aan de patiënt.

(Een beetje in het verlengde van de door mij beoogde aandacht voor planten waar ze behulpzaam kunnen zijn, is dat er in de schil van aardappelen niet-giftige protease-remmers voorkomen. Een aantal jaren geleden kondigde de universiteit van Wageningen het aan dit als medicijn te gaan ontwikkelen.

Ik wacht nog steeds. Je kan eens poeder van gedroogde schillen proberen. Tussen ons gezegd en gezwegen: ik ken een geval waarbij dat werkte.)

 

In ons verhaal gaat het om de proteases die worden aangeduid als Caspases leden van een groep zogenaamde cysteïne proteases die een rol spelen in de geprogrammeerde celdoding ofwel apoptose. Er zijn diverse onderzoeksrapporten die de suggestie wekken dat curcumine daarbij een stimulerende rol speelt ***

Curcumine veroorzaakt schade aan het DNA van de tumoren en veroorzaakt stress bij de tumorcellen en veroorzaakt nog een aantal effecten die de apoptose vrij snel op gang helpt.

De precieze gang van zaken zal een beetje te ver voeren om in dit bestek te behandelen.

 

 

***       Thayyullathil F, Chathoth S, Hago A, Patel M, Galadari S. Rapid reactive oxygen species (ROS) generation induced by curcumin leads to caspase-dependent and -independent apoptosis in L929 cells. Free Radic Biol Med. 2008;45:1403–12. [PubMed]

Park K, Lee JH. Photosensitizer effect of curcumin on UVB-irradiated HaCaT cells through activation of caspase pathways. Oncol Rep. 2007;17:537–40. [PubMed]

Gao X, Deeb D, Jiang H, Liu YB, Dulchavsky SA, Gautam SC. Curcumin differentially sensitizes malignant glioma cells to TRAIL/Apo2L-mediated apoptosis through activation of procaspases and release of cytochrome c from mitochondria. J Exp Ther Oncol. 2005;5:39–48. [PubMed]

 

 

Voor celsterfte wordt ook het belang van de zgn. FAS receptor bindingen genoemd. U kan zich het zo voorstellen dat het een beetje lijkt op een radiozender met diverse ontvangers.

De cellen hebben een intern berichtensysteem waaraan signalen worden verzonden en door de ontvangers die op de celwanden zitten, worden ontvangen.

Dat zijn dan berichten die de cellen moeten aanzetten om bepaalde levensverrichtingen uit te voeren.

Tumorcellen hebben een storing veroorzaakt in de ontvangst van die berichten en vooral waar die aanzetten tot celsterfte.

De zogenaamde FAS berichten spelen voor de normale levensverrichtingen geen rol maar wel die de celsterfte mede veroorzaken. Curcumine versterkt de kracht van de receptoren door ze te clusteren op een speciale manier. Daardoor kan de zo gewenste celsterfte van de tumoren op gang gebracht worden.

Dat gebeurt dan vooral in het spijsverteringskanaal en de dikke darmkankercellen en stimuleert de caspase-8 enzymen die aan het begin van de FAS signalering, leidend tot apoptose, staan. ****

 

**** Moragoda L, Jaszewski R, Majumdar AP. Curcumin induced modulation of cell cycle and apoptosis in gastric and colon cancer cells. Anticancer Res. 2001;21:873–8.

 

Het op gang helpen van de “p53/p21 weg” tot geprogrammeerde celsterfte.

 

Het bij de celdeling doorgeven van eigenschappen verloopt via het nalopen van diverse factoren. Twee van die factoren de p53 en de p21 zijn als gemeld belangrijk daarbij.

P 53 is een factor die eigenschappen doorgeeft die moeten voorkomen dat er veranderingen in de eigenschappen van de cel komen zodat ze niet tot tumoren kunnen uitgroeien. Tumorcellen zijn in staat dat ernstig te verstoren. Nu zijn er onderzoeken uitgevoerd naar het effect van curcumine in het bijzonder naar dikke darm tumoren. De p21 factor is hier een stoorzender maar kan door het gebruik van curcumine onderdrukt worden doordat de “goede factor” p53 zo sterk wordt ondersteund en opgepept.

Curcumine maakt cytochrome c vrij. Dat is een stof die de cel normaal gesproken intern fabriceert in zijn mitochondriën dat zijn de interne fabriekjes in de cellen waarin allerlei stofjes waaronder het cytochroom worden geproduceerd.

 

In de volgende bijdrage gaan we verder met het bespreken van de werking van Curcumine en de mogelijke ongewenste bijwerkingen van de Curcuma, daarna gaan we in op de oorzaken van de ongewenste celgroei. Vanwaar komt het?

 

Geplaatst in Kanker, wat te doen? | Reacties staat uit voor Kanker: de manieren om kankercellen te doden (Deel twee)

Publicaties

We zijn op P&P heel blij met uw bezoek, er is een gezonde uitwisseling van kennis met Plantaardigheden.nl en krijgen van de redactie van Plantaardigheden de nodige ondersteuning waar het de correctie van bijdragen door Pollekens betreft. Pollekens publiceert regelmatig op Plantaardigheden en hier staan daar voorbeelden van.

Heeft u ergens op het web een publicatie gezien die u onder de aandacht wil brengen, of wilt u een mening over een bepaalde tekst, dan wordt u ook uitgenodigd die hier te plaatsen.

Geplaatst in Publicaties en Recensies | Reacties staat uit voor Publicaties

Probeer het eens.

Geplaatst in Recepten | Reacties staat uit voor